Bert Boeijink, voormalig directeur van Bloemendal Bouw en inmiddels verbonden aan het bedrijf als zelfstandig adviseur levenslang ontwikkelen, zit vol verhalen over hoe anderstaligen een plek in het bedrijf kunnen krijgen. Hij heeft een nuchtere kijk op de zaken: ‘Als je wilt werken, be my guest!’
‘We zijn een volk dat van oudsher overal naartoe ging en nu komen mensen hier. Daar moet je niet bang voor zijn. Wij werkten in 2004 al met timmerlieden uit Slowakije. Als je zag wat die vakmatig konden… Nadenken over hoe anderstaligen een plek in je bedrijf kunnen krijgen, is een investering in de toekomst. Bedrijven die te conservatief zijn, komen er straks in een keer achter dat het niet meer op de oude manier gaat en dan missen ze de flexibiliteit om te veranderen’, voorspelt Bert.
Langetermijninvestering
Binnen Bloemendal Bouw werken zeven anderstalige medewerkers. Dat werkt alleen met goede persoonlijke begeleiding, via het WerkgeverServicePunt (WSP) en binnen het bedrijf zelf. ‘Dat is een investering voor de lange termijn. We hebben nu eenmaal mensen nodig die met hun handen willen werken. Veel van deze medewerkers zijn begonnen als stagiair voor maximaal twee maanden om Nederlands te leren. Na die twee maanden weet je wel wat voor vlees je in de kuip hebt en ga je wel of niet met iemand verder.’ Natuurlijk werd er soms geklaagd binnen het bedrijf. ‘We hebben erover gesproken, maar gedoe is niet acceptabel. Dat was heel duidelijk. Mensen die dat niet zint, gaan weg.’
Constructeur uit Jemen
Een van de anderstalige collega’s is een constructeur uit Jemen. Bert is nu met hem bezig hoe hij in Nederland zijn diploma kan halen. Ondertussen werkt hij als tekenaar en werkvoorbereider. Een jaar lang volgde hij Nederlandse les op vrijdagochtend. Zijn werk kan prima in het Engels en hij denkt in het Arabisch. ‘Hij is erg leergierig en past zich aan: hij gaat mee naar projecten én als de collega’s een rondje lopen in de pauze. Op vrijdagmiddag gaat hij naar de moskee, maar wat maakt mij dat uit? Als hij zijn werk maar doet.’
Jij nu even niet
Taal is geen probleem, zegt Bert. En van alle tijden. ‘In 1983 werkte ik als uitvoerder aan de Flevospoorlijn. De stagiair uit Den Haag en de vlechters uit Twente konden elkaar niet verstaan, dus ik vertaalde tussen hen. Je moet er ook niet te moeilijk over doen. Het is een kwestie van vooraf een goed plan maken en met Google Translate kom je heel ver.’ Een medewerker die al negen jaar in de timmerfabriek werkt, snapt nog niet altijd goed Nederlands. ‘Maar hij werkt 40 uur en is nergens te beroerd voor. Het gaat meestal gewoon goed, maar bij gevaarlijke situaties zeggen we ‘jij nu even niet’. En dat werkt prima.’
Geen verschil
Een dag vrij nemen blijkt voor sommige collega’s lastig te zijn, een ander noemde Bert consequent ‘Baas Bert’. ‘Ja, de culturele normen en waarden zijn soms anders, maar voor het uitvoeren van je beroep maakt dat geen verschil en daar gaat het om.’